De tien geboden

 

Het Woord vertelt

 

Ben jij al gedoopt?

 

Zonder regels (geboden) is ieders leven onleefbaar...

Als jij zegt: "Ik kan dit niet oplossen!", zegt God tegen jou: "Ik zal de weg voor jou banen." (Spreuken 3:5-6)

 

De tien geboden

 

Niet-christenen zeggen veelal dat je van het geloof niets mag en dat je je aan allerlei regels moet houden. God is een God van liefde en heeft dan ook het beste met ons voor. Hierdoor heeft God, op de berg Sinaï, aan Mozes de tien geboden geleerd. Deze geboden zijn er om onszelf tegen verdere ellende te beschermen. De 10 geboden verrijken het leven juist! Stel je nu eens voor dat er nooit meer een moord wordt gepleegd of dat de winkels niet meer op zondag open zouden zijn, wat zou dat een rust met zich meebrengen. Daarnaast heeft God ook andere regels aan Mozes geleerd welke je kan terugvinden in het bijbelboek Exodus, hoofdstuk 21. De tien geboden, welke hieronder staan, kun je terugvinden in het bijbelboek Exodus, hoofdstuk 20.

 

Of wij nu wel of niet gelovig zijn, onze kinderen leggen wij ook geboden op. Dat vinden wij heel normaal en ervaren wij zeker niet als een beperking. Onze kinderen zullen dat in sommige gevallen uiteraard anders ervaren. Als kind vond je het vroeger ook niet leuk als je iets niet mocht, maar als je later terugkijkt op je leven en zeker als je zelf vader of moeder bent geworden ga je deze geboden heel anders zien en zie je ze juist als verrijking. En laten wij nu juist de kinderen van God zijn. . . De tekst van de tien geboden volgens Exodus uit de vertaling van de Statenvertaling is als volgt:Christenen belijden hun geloof aan de hand van de twaalf geloofsartikelen, ook wel geloofsbelijdenis genoemd:

 

 

Ik ben de Heere uw God, die u uit Egypteland, uit het diensthuis, uitgeleid heb.

 

 

1.) Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben;

 

2.) Gij zult u geen gesneden beeld, noch enige gelijkenis maken, van hetgeen boven in den hemel is, noch van hetgeen onder op de aarde is, noch van hetgeen in de wateren onder de aarde is. Gij zult u voor die niet buigen, noch hen dienen; want ik, de heere uw God, ben een naijverig God, Die de misdaad der vaderen bezoek aan de kinderen, aan het derde, en aan het vierde lid dergenen, die mij haten; En doe barmhartigheid aan duizenden dergenen, die mij liefhebben, en mijn geboden onderhouden;

 

3.) Gij zult den Naam des heeren uws Gods niet ijdellijk gebruiken; want de heere zal niet onschuldig houden, die zijn naam ijdellijk gebruikt;

 

4.) Gedenkt den sabbatdag, dat gij dien Heiligt. Zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen maar de zevende dag; is de sabbat des heeren uws Gods; dan zult gij geen werk doen, gij, noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienstknecht, noch uw dienstmaagd, noch uw vee, noch uw vreemdeling, die in uw poorten is; Want in zes dagen heeft de heere den hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat daarin is, en hij rustte ten zevenden dage; daarom zegende de heere den sabbatdag, en heiligde denzelven;

 

5.) Eert uw vader en uw moeder, opdat uw dagen verlengd worden in het land, dat u de Heere uw God geeft;

 

6.) Gij zult niet doodslaan;

 

7.) Gij zult niet echtbreken;

 

8.) Gij zult niet stelen;

 

9.) Gij zult geen valse getuigenis spreken tegen uw naaste;

 

10.) Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn os, noch zijn ezel, noch iets, dat uws naasten is.

 

 

Wat belangrijk is om te weten is dat door de komst van Jezus de bovengenoemde geboden zeker niet komen te vervallen. Sterker nog, Jezus is gekomen om deze te vervullen. Daarnaast zijn er 2 geboden waaraan de ganse wet en de profeten hangen. Deze 2 geboden omvatten alle bovengenoemde geboden.

 

 

Mattheüs 5 vers 17: Jezus en de wet

 

17 Meent niet, dat Ik (Jezus) gekomen ben om de wet of de profeten te ontbinden; Ik (Jezus) ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen.

 

 

Wat is het grote gebod in de wet?

 

 

Mattheüs 22 vers 34: Het grote gebod

 

34 Toen de Farizeeën gehoord hadden, dat Hij (Jezus) de Sadduceeën tot zwijgen had gebracht, kwamen zij bijeen, 35 en één van hen, een wetgeleerde, vroeg, om Hem (Jezus) te verzoeken: 36 Meester, wat is het grote gebod in de wet? 37 Hij (Jezus) zeide tot hem: Gij zult de Here, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw verstand. 38 Dit is het grote en eerste gebod. 39 Het tweede, daaraan gelijk, is: Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf. 40 Aan deze twee geboden hangt de ganse wet en de profeten.

 

 

"Het Woord vertelt"

 

 

 

 

Copyright © 1998 Het Woord vertelt | Alle rechten voorbehouden | Webdesign: Van den Ouden Advies